Ga naar de inhoud

(Niet) op de wereld lijken

DSC01475

Pas waren we ergens aan het eten toen mijn dochter een gesprek kreeg met een paar dames die naast ons zaten. Ze vroegen haar wat ze later wilde worden. Haar antwoord was eenvoudig en eerlijk: ‘Moeder. En ik wil graag elf kinderen.’

De dames veerden bijna overeind. Elf kinderen was toch veel te veel? Altijd thuis zijn was echt niet goed voor je. Ze moest toch zeker een beroep leren, werken, zichzelf ontwikkelen, dingen doen die ze zélf leuk vindt. Ik zat erbij met kromme tenen. In een paar minuten tijd kreeg mijn dochter een lesje wereldgelijkvormigheid aangereikt.

Later sprak ik met haar verder. Wat vond zij er van dat die dames dat zeiden? En vooral: wat zegt de Bijbel hierover? Want hoe goedbedoeld meningen ook kunnen zijn, uiteindelijk is niet doorslaggevend wat mensen zeggen of denken. De vraag is: wat zegt de Heere? Wat is Zijn wil?

Wereldgelijkvormigheid.

Het is een woord dat we misschien gemakkelijk op anderen toepassen, terwijl we zelf denken dat het bij ons wel meevalt. Maar is dat echt zo? Zien we altijd hoe sterk ook wij—juist als christenen—beïnvloed worden door cultuur en tijdsgeest? Hoe we soms ongemerkt steeds meer op de wereld gaan lijken?

De wereld zegt: doe wat je zelf wilt. Kies voor jezelf. Volg je gevoel, je ambities, je dromen. Maar Christus deed volmaakt Gods wil. Zijn eigen wil stond nooit centraal, maar die van Zijn Vader. En wie Hem volgt, wordt geroepen dezelfde weg te gaan—een weg die haaks staat op het denken van deze wereld.

Neem het krijgen van kinderen. In de wereld worden kinderen steeds vaker gezien als een last. Hoe minder, hoe beter. Het gemiddelde aantal kinderen per vrouw daalt, en steeds meer mensen kiezen er bewust voor om helemaal geen kinderen te krijgen. Want kinderen zouden zelfontplooiing in de weg staan. Ze kosten tijd, energie en vrijheid. Kinderen krijgen zou jezelf opofferen zijn.

Maar Gods Woord spreekt anders. “Ziet, de kinderen zijn een erfdeel des HEEREN; des buiks vrucht is een beloning” (Psalm 127:3). Nergens in de Bijbel worden kinderen een straf of een vloek genoemd. Integendeel: ze zijn een zegen. En toch weet ik van vrouwen die bijna bang waren om te vertellen dat ze opnieuw zwanger waren—bang voor het oordeel, zelfs van christelijke vrouwen om hen heen. Alsof nieuw leven geen vreugde meer mag oproepen, maar eerst verantwoord moet worden. Dat doet pijn. Want waar Gods Woord spreekt van zegen, klinkt soms onze eigen maatstaf harder.

En wat als onze kinderen jong willen trouwen? Moedigen we dat aan, of houden we ze liever tegen? In onze tijd wordt het steeds vreemder om rond je twintigste te trouwen. Eerst studeren, de wereld ontdekken, van het leven genieten—trouwen kan altijd nog. En kinderen krijgen ook. Tegelijk laat onderzoek zien dat steeds meer mensen problemen ondervinden met het krijgen van kinderen, juist omdat ze zo laat trouwen. De Heere vond Maria niet te jong om moeder te worden van de Heere Jezus; er wordt gedacht dat zij ongeveer zestien jaar was toen zij zwanger werd.

In Titus 2 lezen we: Opdat zij de jonge vrouwen leren voorzichtig te zijn, haar mannen lief te hebben, haar kinderen lief te hebben; matig te zijn, kuis te zijn, het huis te bewaren, goed te zijn, haar eigen mannen onderdanig te zijn, opdat het Woord Gods niet gelasterd worde. Dat is een duidelijke, Bijbelse roeping.

Wie vormt ons denken?

Maar wat betekent dat, als de wereld zó luid spreekt en Gods weg zo tegengesteld lijkt? Hoe blijf je trouw, als je op bijna elk gebied het tegenovergestelde hoort van wat de Bijbel leert? Over huwelijk, kinderen, de rol van man en vrouw… het verschil is enorm. Dit is geen kwestie van meningen of voorkeuren. Het is een strijd om wie ons denken vormt: de wereld óf het Woord van God.

Niet wereldgelijkvormig zijn, betekent dat je echt anders bent dan de wereld. Dat je steeds meer vernieuwd wordt naar Gods beeld. Onze dominee zei pas in een preek over ‘Uw wil geschiede’: De vraag is: lijken we meer op de wereld, of meer op de hemel? Leggen we de hemel naast onze keuzes en beslissingen? Niet één keer, maar telkens opnieuw?

Dat is geen gemakkelijke weg. Het is een weg van zelfverloochening. Van het kruis opnemen. Maar we mogen ons daarbij steeds herinneren: Gods wil is volmaakt. Wat Hij vraagt, is nooit willekeurig of hard—maar goed en wijs.

De wereld is er niet zichtbaar beter op geworden sinds we haar meer zijn gaan navolgen. Er zijn meer echtscheidingen. Minder stabiliteit in gezinnen. Kinderen die vaker door anderen worden opgevoed. En dit zeg ik niet om te veroordelen, maar om te laten zien dat het volgen van Gods Woord zegenrijk is. De Heere heeft het beste met ons voor—en dat kunnen we van de wereld en de duivel niet zeggen.

Daarom, aan het einde van dit jaar en aan het begin van een nieuw, klinkt de oproep van Romeinen 12:
“En wordt dezer wereld niet gelijkvormig; maar wordt veranderd door de vernieuwing uws gemoeds, opdat gij moogt beproeven welke de goede, en welbehagelijke en volmaakte wil van God zij.”

De dingen die boven zijn

Uw wil geschiede. Dat is een gebed dat we gemakkelijk uitspreken, maar moeilijk leven. Want van nature zijn we eigenwijs en eigenwillig. We volgen liever onze eigen weg. Paulus verwoordt het zo herkenbaar: “Het goede dat ik wil, dat doe ik niet; maar het kwade, dat ik niet wil, dat doe ik.” We worden geroepen de dingen te zoeken die boven zijn.

Met Kerst hebben we herdacht dat Christus kwam om alle gerechtigheid te vervullen, om de wil van Zijn Vader te doen. Hij, Immanuel, God met ons, ging die weg volmaakt. En wie Hem mag kennen, wordt geroepen om steeds meer naar Zijn evenbeeld vernieuwd te worden. Minder wereld, meer Christus.

Octavius Winslow schrijft in De volheid van Christus dat we steeds minder op de wereld moeten lijken en steeds meer op Christus. Is dat ons gebed voor 2026?

Hij schrijft ook:
“Laat elk voorval en iedere omstandigheid in uw dagelijkse levenswandel u dichter bij de Heere brengen—of het nu blijdschap brengt of u terneerdrukt, of het uw principes op de proef stelt, uw geloof beproeft of een beroep op uw liefde doet. (…) Dan zult u de stoffige, eenzame wegen van uw aardse pelgrimage bewandelen met een hart dat van de aarde losgemaakt is. Dan hebt u nauwe omgang met Jezus in de hemel.”

Dat wens ik jullie van harte toe voor het nieuwe jaar dat voor ons ligt.

 

Marianne Sangala

Marianne Sangala is getrouwd met Constantine en samen hebben ze drie jonge kinderen. Ze wonen in Malawi, waar ze werkzaam zijn voor stichting For a Change.

Reacties

1 gedachte over “(Niet) op de wereld lijken”

  1. Dit is erg krachtig en voor mij op het goede moment. Dankjewel voor dit schrijven.
    Onze dochter is 17 en is zowat helemaal over naar Russisch orthodoxe kerk. Alleen omdat ze nog geen 18 is mag ze er van ons niet op zondag heen. Er zijn vele dwalingen, waardoor we die we niet bijbels verantwoorden kunnen. Het is zo ingewikkeld allemaal. Het is geen ‘wereld’ het is toch een dwaalleer. Ze bidt bijvoorbeeld voor iconen en knielt ervoor. Onze band was goed, maar ik merk tot mijn groot verdriet verwijdering. Ze schuift de gevolgen van stress op ons. Maar wij kunnen er principieel niet in mee. Het is een lief kind. Wat doet dit zeer. Nooit geweten dat er zo n moeilijk situatie bestond. Met adviezen val je ook overal buiten. Is vaak tegen bepaalde hang naar verkeerde vrienden/ roken, enz. En ze leeft heel netjes en gezond. Het enige is Gods Woord en Zijn beloften. Dat alleen! Hij is goed voor mijn ziel. Al is er een wond in onze levens. Als ik er over vertel wordt het als een jankverhaal afgedaan. Toch weet ik dat ooit eens gerechtigheid zal komen. Dan genoeg aan mezelf. Maar we moeten wel door de tijd heen met elkaar. Zonder emoties kan ook niet. Hopend op Zijn zegen. Wil je voor ons bidden?

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Verder lezen

Je gaat naar de webshop