Hij wil onze ogen zien

‘Het was een vermoeiende maaltijd, maar we hebben het weer gehaald’, zei onze oudste dochter met een grijns toen we gisteravond gedankt hadden. En of ze gelijk had. Manlief zou niet zo vroeg thuis zijn en snel weer moeten vertrekken, dus besloot ik samen met de kinderen op tijd te eten. En dat was een gróót succes. Je zou bijna niet geloven dat het allemaal kán, tijdens één gezinsmaaltijd.

Er was een hamster die levensgevaarlijke capriolen begon uit te halen omdat hij al een paar dagen niet gevoerd was, en dus tijdens onze maaltijd te eten moest krijgen.
Er was onze zesjarige, die heel graag de rij met letters wilde opnoemen die ze dit schooljaar al geleerd heeft, maar steeds halverwege vergat waar ze was gebleven en luidkeels opnieuw begon.
Er was een peuter die niet van nasi houdt en zijn volle bord op de kop op de grond liet belanden (ik wil geloven dat het per ongeluk was).
Er was een zevenjarige die, tot hilariteit van de anderen, vol afschuw haar vlees uitspuugde omdat het nog lééfde. ‘Echt hoor mama, het bewoog!’ Ik voelde me daarom genoodzaakt om uitvoerig het bewerkingsproces van een gebakken spekreepje te beschrijven, om aan te tonen dat er van enig leven echt geen sprake meer kon zijn.
En tenslotte was er tijdens dat alles een 8-weken oude baby die het in in haar wippertje op tafel op een brullen zette, en ook op mijn arm en aan de borst niet tot bedaren kwam.

Zie je het plaatje voor je? Zo chaotisch kan het zijn.

Toen iedereen na het ‘amen’ van het dankgebed van tafel wilde springen hoorde ik mezelf zeggen: ‘Even naar me kijken allemaal! Ik wil je ogen zien!’ De kans dat mijn boodschap over afruimen en rustig doen zou overkomen, zou dan een stuk groter zijn. Want er was nogal wat afleiding om de kinderen heen. De bewuste hamster, de dierentuin die stond ingericht naast de eettafel en een druk hoofd van alle prikkels die tijdens de maaltijd waren uitgezonden. Dus: ‘Ik wil je ogen zien!’

Afleiding

Toen ik vannacht de baby zat te voeden viel het me ineens in dat ik niet zoveel anders ben, dan onze kinderen. Ook ík ben zo snel afgeleid. Ook míjn ogen dwalen af terwijl er tegen me gesproken wordt. En ook ik ben vaak op de verkeerde dingen gefocust. De berg met was, het nieuws, zorgen om anderen, het eten van morgen, huiswerk dat nog gemaakt moet worden en de aantrekkingskracht van mijn telefoon nemen me in beslag en leiden me af.

De Heere vraagt ons ook om te kijken. Hij wil onze ogen zien.

Daarom dan ook, alzo wij zo groot een wolk der getuigen rondom ons hebben liggende, laat ons afleggen allen last, en de zonde, die ons lichtelijk omringt, en laat ons met lijdzaamheid lopen de loopbaan, die ons voorgesteld is; Ziende op den oversten Leidsman en Voleinder des geloofs, Jezus, Dewelke, voor de vreugde, die Hem voorgesteld was, het kruis heeft verdragen, en schande veracht, en is gezeten aan de rechter hand des troons van God (Hebr. 12: 1-2).

Er zijn vaak dagen dat het moederschap een marathon lijkt. Paulus zegt hier dat dat klopt. Het leven is een loopbaan, een wedstrijd die gelopen moet worden. Als we ons laten afleiden door alle dingen van de wereld, dan lopen we verkeerd, we raken uitgeput en naast de baan. Er is maar één manier om deze loopbaan te lopen: met onze ogen op de Heere Jezus gericht. Hij is de overste Leidsman. Hij schenkt het geloof en brengt het tot een goed einde. Want Hij heeft het kruis verdragen en de schande veracht. En Hij zit nu aan de rechterhand van Zijn Vader. En Hij wil dat we op Hem zien.

Bedenken wat boven is

Wij kijken zo vaak naar de aardse dingen. Naar een chaotische maaltijd. Naar al het werk dat wacht. Maar al die dingen zijn tijdelijk. Bedenkt de dingen, die boven zijn, niet die op de aarde zijn, zegt Paulus in Kolossenzen 3 vers 2. We zijn hier op aarde maar tijdelijk. Het is maar een klein poosje dat er choatische maaltijden en manden vol was zijn. Slaaptekort en een vloer vol rijst zijn er maar eventjes. Maar Jezus Christus is gisteren en heden dezelfde en in der eeuwigheid (Hebr. 13:8).

Zijn onze ogen op Hem gericht? Dat gaat niet vanzelf. Het blikveld hier beneden vraagt voortdurend onze aandacht. En zien op de Heere Jezus vraagt om ogen van geloof, door genade. God gaf Zijn Woord om daardoor Zichzelf te openbaren, te laten zien. Zien op Hem is vijf keer Sola:

Sola Scriptura (alleen door de Schrift, Gods eigen Woorden)
Sola gratia (alleen door genade, en niet door mijn goede werken)
Sola fide (alleen door geloof, en niet door aanschouwen)
Sola Christus (alleen door Christus, want uit Hem en door Hem en tot Hem zijn alle dingen!)
Sola Deo Gloria (en daarom aan Hem alleen alle eer).

Laten we daarom tijdens lange dagen en korte nachten onze ogen niet laten gaan naar alles dat afleidt, maar slaan op Hem:

Ik hef mijn ogen op naar de bergen, vanwaar mijn hulp komen zal.
Mijn hulp is van den HEERE, Die hemel en aarde gemaakt heeft (Ps. 121: 1, 2).

Hij wil onze ogen zien.

 

 

Zoek je activiteiten om te doen met je kinderen rond hervormingsdag? Je vindt ze hier.

 

 

Hoe deel jij dit bericht met je vrienden?Email this to someone
email
Pin on Pinterest
Pinterest
0Share on Facebook
Facebook
35Tweet about this on Twitter
Twitter

5 comments

  1. Anne says:

    Zeker! Ik sluit me aan bij de anderen, en ook ik had het even nodig, nu alles even niet gaat zoals ik het in gedachten had.

    Wat aangrijpend trouwens hoe je dat neerzet, het ‘even’ van al die aardse beslomeringen . Dat zet ons hele leven wel in een ander perspectief en laat ons de noodzaak zien van het geborgen zijn in Christus.

Geef een reactie